Ruimtelijke ordening

Dinsdag 13 Mei 2014 at 5:11 pm

De Wet ruimtelijke ordening (Wro) is op 1 juli 2008 in werking getreden ter vervanging van de oude WRO. De Wro regelt hoe ruimtelijke plannen tot stand komen en welke bestuurslaag voor welke ruimtelijke plannen verantwoordelijk is. Ook regelt de Wro de verhoudingen tussen de verschillende overheden en bestuursorganen in Nederland, zoals waterschappen, gemeenten, provincies en het Rijk. Een belangrijk onderdeel van de Wro is de digitalisering van ruimtelijke plannen.

Op deze site vindt u alle basisinformatie over deze wet. Bent u RO-professional, dan kunt u terecht op sites die meer specifieke informatie aanbieden. Zo kijkt u op de website van Infomil naar de 'veelgestelde vragen' en op de website van Geonovum voor meer informatie over de digitale standaarden. Ook in ieder hoofdstuk op deze site wordt u verdergeleid naar deze plekken voor meer specifieke informatie.

De Wet ruimtelijke ordening (Wro) geldt niet alleen als wettelijk kader voor overheden, maar ook als houvast voor burgers. U kunt bijvoorbeeld zienswijzen indienen bij een herziening van een bestemmingsplan. Hoe dat moet, staat in de Wro. Het bestemmingsplan bepaalt wat er wel en niet gebouwd mag worden en wat het toegestane gebruik van de gronden en gebouwen is.

De Wet ruimtelijke ordening (Wro) gaat over het maken van ruimtelijke plannen. Ruimtelijke plannen regelen hoe Nederland er nu en in de toekomst uit moet zien. De Wro bepaalt hoe we deze plannen moeten maken en hoe we ze kunnen wijzigen. Het regelt daarbij de overheidstaken en de rechten en plichten van burgers, bedrijven en instellingen.

Met het feit dat het door het rijk gewenste ruimtelijke beleid per provincie verschillend kan worden ingevuld, is duidelijk rekening gehouden. Daar waar het rijk beleidsdoelen zo belangrijk vindt dat deze onverkort moeten doorwerken naar andere overheidsniveaus, zal het rijk gebruik moeten maken van de bevoegdheid tot het geven van een aanwijzing, of door het stellen van bindende normen (hetzij algemene regels in aan algemene maatregel van bestuur, hetzij eisen aan de inhoud van provinciale verordeningen, hetzij door zelf inpassingsplannen te maken). Bij die algemene regels zal moeten worden bepaald welke afwijkings­mogelijkheden lagere overheden behouden.

Een voorbeeld: op het terrein van de externe veiligheid geldt momenteel het Besluit externe veiligheid inrichtingen. De normen die daarin voor bestemmingsplannen staan opgenomen, gelden onverkort. Daar zit geen beleidsruimte in.

De handhaving is versterkt. Zo kan een gemeente een dwangsom en boetes opleggen, of bestuursdwang toepassen als dat nodig is om activiteiten strijdig met het bestemmingsplan tegen te gaan.

Ook hebben de ambtenaren, belast met handhaving, meer bevoegdheden. Zo is de maximale boete van een overtreding verhoogd tot 45.000,- euro. Voorheen was dat 11.250,- euro. Dat kan doordat overtredingen van het bestemmingsplan vanaf 13 september 2004 onder de Wet op de economische delicten vallen. Die wet maakt het mogelijk om bij het opleggen van de straf rekening te houden met het economisch voordeel dat de overtreder heeft behaald met de overtreding. Ook biedt de wet de mogelijkheid de verplichting op te leggen om op eigen kosten de gevolgen van het delict goed te maken.

  • 1
 

Tagwolk

Archieven



Categorieën

Zoek!

RSS

XML: RSS Feed
XML: Atom Feed